Volg ons!

Concert Ennio Morricone in Amsterdam



Metropole Orkest o.l.v. leiding van chef-dirigent Vince Mend

23/09/2007

Een paar minuten voor het concert zette ik me nog even op de rand van het terras van het Amsterdams Concertgebouw. Met een uitzicht over ’t IJ genoot ik van de ondergaande zon van misschien wel de laatste mooie dag van dit jaar. Het was kortom heerlijk.
In de sobere (overal een soort van IKEA multiplexhout en een bloedrode zetelbekleding) en niet al te grote zaal nam ik plaats, vol hoge verwachtingen als afsluiter van de prachtige dag.

De afwezigheid van de échte ster van de avond werd gecompenseerd door een projectie boven het podium. Een schets van het gezicht van Ennio Morricone. Het geheel deed me denken aan de auditoriumscène in Citizen Kane. Dat beloofde dus.

De zaal zat goed vol als de jonge Amerikaan, Vince Mendoza, onder applaus begeleid, zijn plaats voor het Metropole Orchestra nam. Een goede start met als proloog een suite van verschillende Morricone-thema’s. De muziek werd begeleid door een reeks beeldfragmenten uit verscheidene spaghettiwesterns, een montage die nogal snel in elkaar leek gekunsteld. Na de geslaagde opening konden we genieten van “Un Tema Italiano” uit Le Clan des Siciliens, ditmaal gelukkig zonder enig beeldmateriaal begeleid.

Aan het einde van het eerste deel worden ons de hoogtepunten geserveerd. Eerst de 2 grote thema’s uit “Once upon a time in the West” en dan als ultiem hoogtepunt van dat eerste deel een suite van “The Mission”. Het gevaar met live opvoeringen van zo’n bekende thema’s ligt hem in de perfectie die reeds bereikt is met de studio-opnames. Ik was dus bereid een niet té kritische positie in te nemen. Jammer genoeg slaat Mendoza er in mijn ogen toch volledig naast met zijn interpretatie van deze klassiekers uit het filmmuziekgenre.

Het ruige en brutale karakter van “The man with the harmonica” was volledig spoorloos. De klaag- / treurzang van “Once upon a time in the West”, die hart en ziel zou moeten kapotsnijden, geraakte verloren in een onevenwichtigheid van de verschillende onderdelen van het orkest. Het is ook die onevenwichtigheid die vele belangrijke contrasten, essentieel in Morricone’s composities, heeft doen verloren gaan, zoals de intimiteit van een dialoog tussen cello & altviool.

Ik had zo gehoopt op een uitvoering van het ‘Ave Maria Guarani’. En op welk geluk stuitte ik? Maar wat jammer toch dat de ironische toon van dit stukje muziek werd genegeerd en dus volledig aan de essentie ervan werd voorbijgegaan. Het werd gebracht als een ordinair koorstuk. Geleidelijk aan nam het orkest van het koor over en was het, na het laten varen van mijn al té kritisch oor, genieten van de overheerlijke thema’s uit ‘The Mission’. En toch kon ik niet anders dan me enerveren met de projecties, die de aandacht volledig naar zich toeboog en dus niet meer de functie van visuele begeleider diende. Gemakshalve werden gewoon hele scènes geprojecteerd. Het gaf de indruk dat er helemaal niet over was nagedacht, en dat gaf dan weer de indruk dat we een dom publiek waren.

De zeldzame keren dat de visuals in het eerste deel werkten, hebben mij niet kunnen overtuigen om ze als onderdeel van het concert te laten uitmaken. Evenmin aan het begin van het 2e deel waarin twee compleet verschillende thema’s (uit “The Good, the Bad and the Ugly” en “Malena”) aan elkaar worden gerijd.

Het 2e deel was gelukkig wel een pak interessanter, dat viel dan weer te danken aan de verschillende gasten. Wereldkampioen kunstfluiten Geert Chatrou, liet het beste van zich horen in zijn té korte improvisaties. Daarnaast zorgde rapper Raymzter voor de eerste keer op de avond voor contact tussen muzikanten en publiek. De meiden van Dash betoverden ons in een aangrijpend delirium met “A Silhouette of Doom”.

Het 2e deel was een stijlbreuk. En wat een geluk, want mijn ijzige bloed kon na het eerste deel weer gaan stromen. Vooral dankzij de uitzonderlijke vertolking van cellist Ernst Reijseger. Interessant was hoe deze man de leiding van het orkest bijna geheel overnam en ons toonde hoe beweeglijk en levendig muziek kan zijn wanneer het loskomt van partituren. Samen met Reijseger (een gevecht voerend met zijn cello en al de andere muzikanten) en de visuals (die nu dan toch bijdroegen tot het geheel!) daalden we af in de eigen psyche en de moleculaire wereld, waar heerlijke, onbegrijpelijke wetten heersen.

De functie van dirigent Vince Mendoza werd tot een absoluut minimum geleid en dankzij het improvisatorische karakter nam de muziek een vrije vlucht doorheen het atonale en zo het publiek geen voet aanbood om op te staan. Het is heerlijk om te voelen dat de tijden veranderen.

Onder het motto “save the best for last”, stapte ik het concertgebouw uit, genoot een laatste maal van het uitzicht over ’t IJ en keerde met een voldaan gevoel van deze geslaagde dag terug naar het thuisland.

Sam Willems

 



Meer